Menu

i+Belgium: een revolutie in het opvolgen van personen?

U kent Komen-Waasten misschien als de kleine faciliteitengemeente aan de Franse grens, met bijhorende grenscriminaliteit. Ook de deelgemeente Ploegsteert is bekend, bakermat van het betreurde godenkind Frank Vandenbroucke, maar binnenkort misschien ook als geboorteplaats van i+Belgium? Dat is de naam van de nieuwe digitale tool voor de politie om personen op te volgen, om gelijk welke reden dat nodig is. De tool wordt op 5 april nationaal voorgesteld en beweert voor een enorme efficiëntie en tijdswinst te gaan zorgen bij het opvolgen van personen.

04-04-2019 -

Het is een regenachtige winterdag wanneer het Politiejournaal wordt ontvangen bij de procureur des Konings van Bergen-Doornik. Er heerste wat onduidelijkheid over wat daar nu precies ging worden aangekondigd, maar dat veranderde snel. Rond de tafel zaten vertegenwoordigers van het parket: Christian Henry, procureur des Konings; Christian Parent, eerste substituut-procureur des Konings en Jean-Michel Brinaert van het justitiehuis Bergen-Doornik. Ook de korpschef Sébastien Dauchy en ICT-raadgever Frédéric Dejaegere, beiden van de politiezone Komen-Waasten, zijn aanwezig.

Het Politiejournaal was in Doornik voor de avant-première van i+Belgium: de nieuwe tool, in Komen-Waasten ontwikkeld door de lokale politiezone; mee ondersteund door het justitiehuis; ingevoerd in heel Bergen-Doornik door de procureur des Konings en onder impuls van die laatste naar een nationaal niveau getild.

Procureur des Konings Christian Henry verwijst voor de ontwikkeling van de tool naar naar omzendbrief ‘COL 11/2013’ van de minister van Justitie, de minister van Binnenlandse Zaken en het College van Procureurs-generaal. “De COL legt de justitiehuizen en de politiezones op om de voorwaarden van zij die voorwaardelijk in vrijheid zijn gesteld te controleren. De procureurs kregen dan weer de taak om de informatiestromen tussen de justitiehuizen, de politiezones en de magistratuur te stroomlijnen.”

De procureur leest in de omzendbrief dus de verplichting voor zijn ambt om de informatiestroom te optimaliseren. Het ontwikkelen van een digitaal platform kan daar dus toe behoren. “De omzendbrief zegt echter niet hoé de procureur dat exact moet aanpakken.” Maar het was de procureur wel al even duidelijk dat er een en ander moest gaan verbeteren.

Eigenlijk is het probleem dat i+Belgium wil gaan oplossen vrij duidelijk af te bakenen: vandaag hebben lokale politie, parket en justitiehuizen geen actueel zicht op wat personen die om gelijk wat voor reden in vrijheid zijn gesteld na een veroordeling of een internering kunnen en mogen doen. Wat iemand die bijvoorbeeld voorwaardelijk in vrijheid werd gesteld mag of niet mag doen, wordt pas na enkele maanden breed toegankelijk voor diegenen die dag in dag uit met personen onder toezicht moeten werken: de lokale politiezone en de justitiehuizen.

Een concreet voorbeeld? “Een ladderzatte persoon maakt amok in een café. De politie wordt erbij geroepen. Die persoon mag volgens de voorwaarden van zijn of haar voorwaardelijke invrijheidsstelling geen alcohol drinken, maar die informatie is nog niet in de centrale databank verwerkt. De agent die de vaststelling doet, weet dat dus niet en kan hier geen proces-verbaal voor het niet-naleven van zijn of haar voorwaarden voor opstellen, terwijl dat in dit concrete geval wel een inbreuk op zijn voorwaarden was”, schetst directeur Brinaert het probleem.

VAN ‘NEED TO KNOW’ NAAR ‘NEED TO SHARE’

RVDM

i+Belgium wil dit soort problemen uit de wereld helpen. i+Belgium is eerst en vooral een toegankelijk informatie-uitwisselingsplatform. Als magistraat, agent of medewerker van de justitiehuizen kan je er online op inloggen en snel bekijken wat het statuut is van verschillende categorieën personen. “Als het vroeger maanden duurde vooraleer iemand gesignaleerd werd, gebeurt dit nu binnen de 24 uur”, maakt Dauchy zich sterk.

Het i+Belgium-systeem verschilt van de Algemene Nationale Gegevensbank in die zin dat er ook informatie aan kan worden toegevoegd. Het is dus geen databank waarin je enkel informatie kan consulteren. “Het was de bedoeling om met een toegankelijk platform te komen waarop alle diensten terugvinden wat ze nodig hebben én zelf informatie kunnen toevoegen”, nog volgens Parent. De ANG is helaas niet actueel: door de administratieve mallemolen duurt het vaak tot drie maanden vooraleer de juiste informatie erin wordt opgeladen. Met alle problemen van dien.

Het is de bedoeling dat i+Belgium zal worden gebruikt om bijvoorbeeld bij de woonstcontrole van personen waarop toezicht moet worden gehouden bepaalde vaststellingen in te geven. Agenten zullen ook de mogelijkheid krijgen om misdrijven of inbreuken tegen de voorwaardelijke invrijheidstelling rechtstreeks te laten registreren in het systeem. Dat is belangrijk, want op basis hiervan kan besloten worden om de persoon in kwestie opnieuw aan te houden.

i+Belgium lost het probleem op van de gebrekkige en laattijdige toegang tot cruciale informatie rond de voorwaarden waar bepaalde personen zich aan moeten houden. Het zal ertoe leiden dat veel sneller kan worden ingegrepen wanneer personen zich niet aan die voorwaarden houden én zo kunnen ze dus ook uit het openbare leven verwijderd worden voordat ze schade aanrichten.

Want mensen die worden vrijgelaten onder voorwaarden hebben natuurlijk de vrijheid om zich te vestigen waar ze willen. “Wie in de gevangenis van Bergen in hechtenis zat, daarvoor in Ottignies woonde, beslist vervolgens bijvoorbeeld om in Oostende te gaan wonen of er tijdelijk bij familie te verblijven. Misschien doet die  persoon dat om uit het milieu te ontsnappen waar hij inzit, maar het is ook geweten dat de gevaarlijkste criminelen ook het meest mobiel zijn”, zegt korpschef Dauchy. In Oostende kent de lokale politie de achtergrond van deze persoon niet, zo kan ze de samenleving dus niet beschermen tegen overtredingen van de voorwaarden.

Tijdens het gesprek wordt herhaaldelijk verwezen naar de aanslag in Luik op 13 december 2011 van Nordine Amrani. Amrani moest zich de dag voor de aanslag melden, gezien hij vervroegd in vrijheid werd gesteld na een veroordeling voor samenzwering omdat in zijn huis wapenonderdelen en een cannabisplantage waren gevonden. Het is dus de ambitie van i+Belgium om dit soort daders sneller te kunnen opvolgen.

“De gevangenis is vaak een fabriek voor criminelen. We moeten ervoor zorgen dat we mensen die uit de gevangenis komen beter kunnen opvolgen. Daarvoor moeten we op een vlotte manier informatie kunnen uitwisselen tussen alle betrokken diensten”, stellen Dauchy en Brinaert. “Voor de aanslagen werd informatie nog te vaak behandeld op basis van een ‘need to know’ classificatie. Vandaag weten we dat het belangrijker is om informatie snel en vlot te kunnen uitwisselen. Het gaat  dus veel meer om ‘need to share’.”

EEN VLOTTERE MANIER VAN WERKEN

Want het verwerkingsproces voor informatie verloopt zeer traag. Te traag, met alle gevolgen van dien. Op het niveau van de opvolging van personen zit het parket aan de bron van de noodzakelijke informatie. Vandaag stuurt het parket na een uitspraak wel drie boodschappen uit. Er wordt een mail gestuurd naar de justitiehuizen, zodat zij met hun werkzaamheden kunnen beginnen. Er wordt ook een bericht gestuurd naar de politiezone, zodat zij hun surveillancerol kunnen opnemen en – wellicht het belangrijkste – er wordt een bericht gestuurd naar de Algemene Nationale Gegevensbank.

De procureur des Konings schetst het probleem: “Er zit een enorme vertraging op de verwerking van de status van personen die vervroegd in vrijheid zijn gesteld. Stel: iemand komt voor de strafuitvoeringsrechtbank en wordt daar voorwaardelijk in vrijheid gesteld. De diensten van de strafuitvoeringsrechtbank sturen de gegevens per mail door naar de signalisatiedienst van de federale politie. Daar duurt het echter vier tot zes maanden vooraleer een en ander is verwerkt. Concreet: als die persoon voor het doorvoeren van de update wordt aangehouden in de een of andere politiezone, dan beschikken die agenten niet over de juiste informatie.”

“Voor ons is het belangrijk dat er aan beide voorwaarden wordt voldaan: respecteert de persoon in kwestie zijn of haar voorwaarden en begaat de persoon in kwestie nieuwe misdrijven of misdaden? Als dat zo is, dan moeten we waakzamer zijn”, stelt Christian Henry.

Dauchy reageert: “In een van die twee gevallen moeten we ingrijpen en een proces-verbaal ingeven in het systeem en niet enkel een bericht in het systeem nalaten. Echter: een proces-verbaal opstellen en verwerkt krijgen duurt lang. In principe heeft de lokale politie drie weken de tijd om het proces-verbaal naar het parket te sturen.”

Het gaat concreet om veroordeelden met een straf van minstens drie jaar: geen kleine winkeldieven dus. Een goede opvolging is dus cruciaal. “Die mensen moeten direct worden opgevolgd en niet pas drie maanden later”, daar is iedereen rotsvast van overtuigd.

De nieuwe manier van werken die mogelijk is dankzij i+Belgium moet ook een oplossing bieden voor het probleem van het dubbel encoderen. “Er wordt op één bepaalde manier ingegeven bij het parket en daarna nog eens anders bij de federale politie. Die stuurt door naar de justitiehuizen en de lokale politiezones. Da’s een hoop administratief ingeefwerk, dat eigenlijk perfect vermeden kan worden”, stelt Christian Henry.

“We zorgen er dus in feite voor dat het parket automatisch verstuurt naar drie mandaten: het eerste mandaat gaat naar de federale politie ter signalement, een tweede naar de justitiehuizen zodat zij een begeleiding kunnen opstarten en een derde naar de lokale politie zodat ze toezicht kunnen houden."

Eerste-substituut Christian Parent vult aan: “Het gaat allereerst over het uniformeren van de gegevens: 70 verschillende categorieën mensen die moeten worden bewaakt, zijn in een nieuwe rondzendbrief vermeld en in het systeem opgenomen. Vervolgens moet de signaleringsservice alle voorwaarden registreren die moeten worden gerespecteerd. Daarna moet elke partner zorgen voor zijn deel van de verificatie. De justitiehuizen verifiëren de naleving van de “positieve” voorwaarden (verplichtingen): betrokkene wordt gevolgd door een justitieassistent, hij moet dit en dat doen, bijvoorbeeld een behandeling volgen voor zijn alcohol- of drugsprobleem en het bewijs daarvan naar zijn justitie-assistent brengen. Politiediensten controleren de woon- of verblijfplaats en “negatieve” voorwaarden (verboden): betrokkene mag dit of dat niet doen, hij mag zich bijvoorbeeld niet hier of daar bevinden.

Het systeem zorgt dus voor een snel signalement van de betrokkenen, met een vereenvoudigde codering van de voorwaarden, en – nog vlugger – van het sturen van een bevelschrift naar justitiehuizen en politiezones. Uiteindelijk worden alle partners op de hoogte gehouden van het bestaan van elke overtreding van de voorwaarden en van de ingebrekestelling van elke nieuwe overtreding.”

Contacten werden gelegd met Johan Sabbe, procureur des Konings van het parket van Oost-Vlaanderen. Hij was erg ontvankelijk voor een integratie van de twee systemen.

VERSCHILLENDE PROCESSEN OP SCHERP

“We reduceren het proces dat normaal gezien 3 maanden duurt, tot 24 uur. Waarom? Als het anders drie maanden duurt voordat het proces-verbaal tot bij de juiste personen komt, heeft de procureur des Konings nu de toestemming gegeven om het nieuwe feit in te geven in i+Belgium en daar nadien een proces-verbaal voor op te stellen. Zo is iedereen tenminste al op de hoogte”, zegt Dauchy.

Ook het proces voor woningcontrole is nu scherp gesteld in i+Belgium. “De procureur des Konings zegt ook duidelijk: als we een woonstcontrole doen volgens de juiste procedure in i+Belgium, dan is er geen pv meer nodig”, stelt Dauchy. Echter: als de procureur het nodig acht, zal deze niet aarzelen er – per telefoon bijvoorbeeld – bij de korpschef op aan te dringen het proces-verbaal met spoed te verkrijgen.

De aanwezigen geloven ook dat net door i+Belgium sneller gereageerd zal worden door agenten, net omdat ze nu in real time toegang krijgen tot actuele informatie. “Stel: agenten constateren dat persoon X zich mengt in een vechtpartij. In i+Belgium lezen ze dat dit in schending is met zijn vervroegde invrijheidsstellingsvoorwaarden. Dat zal hen ertoe aanzetten om snel te schakelen en contact te zoeken met de procureur”, weet de procureur des Konings.

NIEUWE OMZENDBRIEF EN OPLEIDINGEN

De regeling van de manier waarop informatie-uitwisseling met betrekking tot het opvolgen van personen die in vrijheid zijn gesteld onder voorwaarden, geïnterneerden of de opsporing van veroordeelden wordt vandaag bepaald in de COL 11/2013-omzendbrief van 7 juni 2013. Het gebruik van digitale platformen werd niet besproken in 2013, maar werd er ook niet in verboden.

Er is nu een nieuwe omzendbrief in de maak die het veralgemeende gebruik van i+Belgium gaat regelen. Christian Henry laat weten dat een nieuwe COL is opgesteld die nu wordt afgewerkt op de verschillende kabinetten. De brief zou de komende periode door de bevoegde ministers worden uitgestuurd.

Eenmaal het gebruik van i+Belgium veralgemeend wordt, komt het er natuurlijk op neer om ervoor te zorgen dat iedereen met het platform kan werken. “In Henegouwen zijn we als het ware opgegroeid met i+Belgium”, stelt Dauchy, “maar voor de rest van het land voorzien we opleidingen. Er werd een opleidingsplan uitgewerkt met  twee verschillende soorten opleidingen. Eerst en vooral zijn er de opleidingen ‘trainer’, die meer uitgebreid zijn. Daarnaast zijn er de ‘user’ opleidingen die enkel op de basis focussen. Het is natuurlijk de bedoeling dat zij die de ‘trainer’ opleiding hebben gevolgd, daarna de ‘users’ verder kunnen opleiden.”

Daarnaast hebben ook federaal minister van Justitie Geens en regionaal minister Madrane, verantwoordelijk voor de Justitiehuizen, samen met de provincie Henegouwen een budget voorzien voor het maken van een filmpje dat i+Belgium op een bevattelijke manier kan uitleggen. De film legt in negen minuten aan een intern politiepubliek uit hoe het systeem in elkaar zit, wat het doet en op welke categorieën het focust.

I+BELGIUM, MADE IN KOMEN-WAASTEN

Een zeer logische vraag werpt zich tijdens het interview op: “Geweldig initiatief, maar waarom moet een kleine zone hier het initiatief nemen?” Het valt op dat er tal van sprankelende innovatieve initiatieven genomen worden in de politiezones, zonder dat daar enige sturing vanop het nationale niveau aan te pas komt.

Procureur Henry schetst de oorsprong van deze oplossing: “Het was hoofdcommissaris Dauchy die mij de lokale oplossing – toen nog Zoom geheten – voorstelde. Ik vond de oplossing direct zeer performant en wilde vermijden  dat we gingen moeten ‘jongleren’ met veertien verschillende systemen voor de veertien politiezones van het arrondissement. Dat zou geen oplossing zijn.” Net daarom besloot de procureur des Konings om het systeem voor te stellen aan andere zones, waarop besloten werd het systeem uit te rollen in de veertien zones.

“Er werd ons gevraagd of het mogelijk was om het systeem in het hele arrondissement uit te rollen”, stelt Dauchy. “Dat was het inderdaad en Fred, de ontwikkelaar zegt bijna altijd ‘ja’.”

Frédéric Dejaegere, IT-raadgever van een kleine politiezone, blijkt dus de belangrijkste architect van een systeem dat binnenkort landelijk wordt uitgerold. Directeur Brinaert bekijkt het pragmatisch: “Het eerste initiatief groeide lokaal, maar het wordt nu ten volle ondersteund door het College van procureurs-generaal en door de minister van Justitie. Het is echt een wisselwerking tussen het lokale en het nationale niveau.”

“Het is ons al zeer vaak overkomen dat we het gevoel hadden dat we nuttige inzichten hadden en dat we die suggesties overmaakten aan een hoger niveau, vanuit de veronderstelling dat een en ander dan in twee maanden gerealiseerd ging worden. Maar tien jaar later gebeurde er nog niets”, vult de procureur des Konings aan. “Dat wilde ik in deze vermijden, ik wilde dat deze oplossing zo snel mogelijk ging werken. Toen ik het geweldige initiatief zag, besloot ik dat we het eerst lokaal gingen uitbouwen. En dat heeft tot resultaten geleid.”

Het is niet zo dat i+Belgium het eerste volledig digitale systeem is dat kan worden gebruikt om toezicht te houden op personen. Er werd bijvoorbeeld een gelijkaardige oplossing in het arrondissement van Oudenaarde ontwikkeld. i+Belgium haalde het als systeem wel omdat het wellicht het meest omvattende systeem is. De ontwikkelaars van i+Belgium voegden overigens een aantal goede functies van het syteem van Oudenaarde toe.

“Als men ons een ander systeem had voorgesteld dat beter was dan het onze, dan waren we natuurlijk daarop overgeschakeld. Wij horen tegelijk van zones die nu andere systemen gebruiken dat ze ook graag de switch naar i+Belgium willen maken als ze horen wat het allemaal kan. Ook de mensen achter de veelbesproken Antwerpse Focus app kijken uit naar de oplossing en er is zelfs sprake van een integratie tussen beide systemen.”

Vandaag is het merendeel van de zones in het zuiden van het land al aangesloten op i+Belgium. Hetzelfde geldt voor Oost- en West-Vlaanderen. In totaal zitten reeds 29.000 van de 45.000 op te volgen personen in het platform. Brussel volgt in principe op 1 april.

Maar laten we het even vanuit een ander perspectief bekijken: misschien is i+Belgium nét een beter product omdat het van onderuit is gegroeid. Als de oplossing op aangeven van de nationale politieleiding ontwikkeld zou zijn, dan was het product misschien minder voldragen dan het nu – hopelijk – is. En het zou wellicht ook een pak meer geld gekost hebben. Frédéric heeft bij de ontwikkeling rekening gehouden met concrete én relevante feedback vanuit het veld: “Weet dat Frédéric rekening gehouden heeft met alle besognes van het terrein: plaats een knop daar en een lijntje daar. Dat maakt een en  ander veel meer doorleefd.”

Auteur: Bram Boriau.

Bron: Politiejournaal

Bekijk hier al onze politie-publicaties.

Bekijk hier al onze politie-opleidingen.

Ook interessant

Politie & veiligheid

Ariadne nr. 2 - Officier van bestuurlijke politie

Franky Goossens
Jean-Claude Gunst

Bestel

Politie & veiligheid

Educatieve maatregelen voor verkeersovertreders

Ludo Kluppels

Bestel

Politie & veiligheid

Bestuurlijke aanpak van criminaliteit door informatie-uitwisseling

Ronny Saelens

Bestel

Politie & veiligheid

Handboek forensisch onderzoek

Patrick Boel
Valère De Cloet
Jan De Kinder

Bestel

Lager onderwijs, Secundair onderwijs, Politie

09 May

Seminarie: Aanspreekpunten politie voor scholen

Locatie: Uitgeverij Politeia, Keizerslaan 34, 1000 Brussel

Prijs: € 159

Schrijf u in